print

Hypericum Auro cultum

Hypericum Auro cultum betekent letterlijk: ‘Sint Janskruid geteeld met goud’ en behoort tot de groep van de ‘gevegetabiliseerde metalen’.  Het bereidingsproces van deze preparaten wordt grotendeels overgegeven aan de natuur. Planten nemen anorganische minerale stoffen uit de bodem op, en lijven deze vervolgens in hun biochemische processen in. Bij het ‘vegetabiliseren’ van een metaal wordt dit natuurproces doelgericht versterkt.

Dit gebeurt als volgt.
Men kiest een plant met een grote affiniteit voor het bepaalde metaal (hier Sint Janskruid met goud). Via een bijzonder farmaceutisch proces wordt het metaal in een vorm gebracht, die gemakkelijk opneembaar is voor de plant.
Dit ‘metaal-bemestingspreparaat’ wordt toegevoegd aan de grond waarin de plant gezaaid wordt. Wanneer de plant tot bloei komt, worden de bovengrondse delen ervan geoogst en tot compost verwerkt. In een volgende stap wordt deze compost als ‘meststof’ gebruikt bij het zaaien met nog onbehandeld zaad. Dit gehele proces van zaad tot compost wordt nogmaals herhaald tot in totaal drie stappen. De plant wordt tenslotte geoogst (bij Hypericum: de bloeiende niet-verhoute bovengrondse delen) en tot geneesmiddel verwerkt.

Tijdens het ‘vegetabiliseringsproces’ wordt het metaal van anorganische, dode substantie volledig omgezet tot onderdeel van een levend organisme, de plant. In die vorm is het, volgens de antroposofische geneeskunde,  voor het menselijk organisme gemakkelijker opneembaar en verteerbaar geworden. Gevegetabiliseerde metalen worden in de antroposofische geneeskunde dan ook bij uitstek ingezet bij kinderen en verzwakte patiënten of om een gewone metaaltherapie in te leiden.

Hypericum Auro cultum wordt in de antroposofische geneeskunde voornamelijk ingezet bij depressieve toestanden en zenuwpijnen. Het is in Nederland beschikbaar als alcoholische druppelvloeistof en als (alcoholvrije) korrels (granulen) in de verdunning D2 (1%) en D3 (0,1%).

Hypericum perforatum of Sint-Janskruid behoort tot de hertshooifamilie (Hypericaceae). Het is een vaste, struikachtige plant, die tot 90 cm hoog wordt en van droge zonnige plekken houdt. Oorspronkelijk thuis in de gematigde klimaatzones van Europa, Noord Afrika en tot in Midden Azië, heeft de soort zich verder verspreid en komt nu in alle werelddelen voor.
De plant is vooral te vinden op braakliggend land, aan bosranden en open plekken, droge wegbermen, akkerranden en tuinen, bij voorkeur in de volle zon.

Sint-Janskruid vormt een sterk vertakt wortelstelsel, waaruit het zich gemakkelijk uitbreidt met uitlopers. In de lente schieten dunne, maar stevige, recht opgaande stengels omhoog, die meestal wat rood aanlopen en al snel voor een deel verhouten. Ze zijn rond in doorsnede, en hebben twee iets uitspringende smalle lijsten (vleugels) overlangs lopen. Naar boven toe vertakt de plant zich sterk in de breedte, zodat de eindstandige bloemen maximaal zon kunnen opvangen 

De groene bladeren zijn klein en eenvoudig van vorm, langwerpig ovaal tot eirond, en gaafrandig.
Houdt men zo’n blaadje tegen het licht, dan lijkt het alsof er met een fijne naald gaatjes in geprikt zijn. De soortnaam ‘perforatum’ (geperforeerd of doorboord) verwijst hier naar. Deze lichte puntjes zijn kliertjes met etherische olie.
Op het blad, maar ook op bloemen en stengels, zitten tevens donkere puntjes; dit zijn kliertjes gevuld met pigment. Verwrijft men een bloemknop tussen de vingers stuk, dan komt een bloedrode kleurstof tevoorschijn. Dit is ook de typische kleur van Sint-Jansolie. Die wordt bereid door verse Hypericum-bloemetjes te laten trekken in een vette olie en in het zonlicht te plaatsen. De rode kleur, die dan langzamerhand ontstaat en donkerder wordt, is van hypericine, een kleurstof, die onder invloed van het licht wordt gevormd uit precursor-stoffen aanwezig in de verse bloemetjes.
Sint-Jansolie is een populair huismiddeltje, dat voornamelijk wordt gebruikt bij kleine huidproblemen, wondjes en zonnebrand en als verwarmende en ontspannende massageolie bij spier- en gewrichtspijn.

Het kruid is genoemd naar Sint Jan, de heilige van het Licht, omdat het hoogtepunt van de bloei rond zijn feestdag valt (24 juni), in de periode van het midzomerfeest, waaraan de Sint-Jansvuren nog herinneren.
De botanische naam Hypericum zou verwijzen naar de god Hyperion, vader van de zon in de Griekse mythologie, omwille van de stralend goudgele bloemen in de vorm van een ‘zonnerad’. De talrijke en vrij lange meeldraden versterken nog dit ‘stralend’ uiterlijk.

Hypericum-bloemen verwelken snel en nemen dan een bruinrode kleur aan. De vrucht, die zich daaruit ontwikkelt, is een doosvrucht met vele donkere klierstrepen. Het kleine zwartbruine zaad blijft lang kiemkrachtig (> vijf jaar).  

Sint-Janskruid is vanouds een plant waaraan geneeskrachtige eigenschappen worden toegeschreven. De meest opvallende betreffen zijn werking op het zenuwstelsel en weefsel-regenererende eigenschappen. Door het hoge looistofgehalte heeft het kruid ook een adstringerend effect.
In de volksgeneeskunde en de fytotherapie wordt het bloeiende Sint-Janskruid breed toegepast. Inwendig bij allerlei psycho-vegetatieve stoornissen, depressieve stemmingen, angst, nerveuze onrust, bedplassen, diarree en stotteren. Uitwendig (olie) vooral bij spierpijn, zonnebrand, zenuwbeschadiging, gordelroos, herpes, rugpijn, ischias en als wondgeneesmiddel.

Ook binnen de reguliere geneeskunde wordt Hypericum tegenwoordig ingezet, als plantaardig antidepressivum bij milde tot middelzware depressies. Humane studies bewijzen dat de hoofdsymptomen als neerslachtigheid, verminderde interesse en activiteit, slaapstoornissen, concentratiestoornissen, veranderingen in de eetlust, vermoeidheid en lichamelijke klachten, significant verbeteren. Sint-Janskruid bleek hierbij duidelijk effectiever dan een placebo en net zo effectief als tricyclische antidepressiva, maar met beduidend minder bijwerkingen.
Deze conclusie wordt ondersteund door verschillende meta-analyses en een Cochrane review*. De meeste wetenschappelijke studies met Hypericum zijn uitgevoerd met een op 0,3% hypericine gestandaardiseerd extract.
 
Net als de tricyclische en aanverwante antidepressiva remt Sint-Janskruid de neuronale heropname van de neurotransmitters serotonine en noradrenaline. Ook zou de heropname van dopamine, GABA en L-glutamaat geïnhibeerd worden. De activiteit van deze neurotransmitters wordt hierdoor verlengd.

Sint-Janskruid bezit een wijd spectrum aan biologisch actieve componenten. Hoewel er al heel veel onderzoek is gedaan, zowel in dierstudies als in humane studies, zijn nog lang niet alle werkingsmechanismen duidelijk in kaart gebracht. Vooral welke inhoudsstof de belangrijkste bijdrage levert in de antidepressieve werking zorgt nog steeds voor discussie onder wetenschappers.
Door de synergistische werking van de vele componenten is het een uiterst ingewikkelde zaak exact aan te geven welke bestanddelen bepaalde effecten veroorzaken.
Algemeen wordt aanvaard dat de farmacologische activiteit hoofdzakelijk verleend wordt door een synergie tussen de naphtodianthrones, met hypericine als belangrijkste stof, de phloroglucinol derivaten, met vooral hyperforine, en verschillende flavonoïden. Deze bestanddelen zijn voornamelijk aanwezig in de bloeiende toppen.

Verschillende publicaties melden een fototoxisch effect van hypericine en Hypericum extracten, waarbij de huid veel sterker gaat reageren op zonnestralen met onder meer jeuk, roodheid, blaasvorming tot gevolg. Deze fototoxiciteit is veel minder aanwezig bij het totale extract dan bij het geïsoleerde hypericine.
Behoudens bij drastische overdosering worden Sint-Janskruidpreparaten over het algemeen goed verdragen. Wel moet men bedacht zijn op mogelijke interacties met andere geneesmiddelen. Sint-Janskruid versterkt de werking van het lever-enzymsysteem cytochroom P450, waardoor een aantal geneesmiddelen (waaronder de anticonceptiepil) sneller wordt afgebroken en daardoor een geringere werking heeft. Tevens wordt de activiteit van het transporteiwit P-glycoproteïne verhoogd met eenzelfde effect. Het bestanddeel hyperforine, dat de bloed-hersen-barrière kan passeren, wordt voor deze interacties verantwoordelijk gehouden.

Gelijktijdig gebruik van Sint-Janskruid en een antidepressivum wordt afgeraden. Sint-Janskruid verhoogt de hoeveelheid serotonine in de hersenen. In combinatie met een MAO-remmer, een SSRI of clomipramine bestaat er hierdoor kans op het ontstaan van het serotoninesyndroom.

Het gevaar voor bijwerkingen en voor interacties met andere geneesmiddelen geldt uitsluitend voor  geconcentreerde gestandaardiseerde Hypericumpreparaten, voor geïsoleerde bestanddelen of voor de oertinctuur. Voor verdunningen bereid uit de oertinctuur is dit risico verwaarloosbaar.

In de antroposofische geneeskunde wordt het met midzomer uitbundig bloeiende Sint Janskruid aanzien als een echte ‘drager van licht en warmte’. De massa’s lichte puntjes vol etherische olie (‘verinnerlijkte warmte’) en donkere kliertjes vol kleurpigment (‘verinnerlijkt licht’), waar bloem en blad mee bezaaid zijn, beschouwt men als de fysieke neerslag ervan. Omwille van deze kwaliteiten wordt Sint-Janskruid bij allerlei psycho-vegetatieve aandoeningen toegepast, vooral bij depressieve stemmingen.
Hypericumbereidingen worden zowel geconcentreerd als verdund ingezet, substantieel om het zelfgenezingsproces te ondersteunen of meer procesmatig (verdund), om het in de juiste richting te sturen.

Goud is een metaal met een zeer hoge dichtheid (bijna dubbel zo zwaar als lood) en tegelijkertijd is het zacht en plastisch. Het kan platgewalst worden tot een folie, dunner dan één tienduizendste millimeter (bladgoud) of van één gram goud kan een draad getrokken worden van wel twee kilometer lang.
Dit meesterlijk kunnen uitbreiden én samenballen wordt door het alchemistisch teken voor goud (en voor de zon) treffend weergegeven: een cirkel met een punt in het midden.

Een gelijkaardig proces vindt in het hart plaats; in de ritmische opeenvolging van diastole en systole, ervaart het bloed afwisselend compactste volume (circa 80 ml als het bloed het hart bereikt) en grootste uitbreiding (1000 m2 als het door het capillair-bed van het gehele lichaam stroomt).

Zowel op fysiologisch als op psychisch vlak wordt aan het hart een bemiddelende en evenwicht brengende functie toegeschreven. Dit wordt in de antroposofische geneeskunde aangeduid als goudproces-werking. Is die verstoord dan wordt gepotentieerd (of ook gevegetabiliseerd) goud als geneesmiddel ingezet om het proces te versterken of te harmoniseren.

Hypericum Auro cultum
Het preparaat Hypericum Auro cultum is in de antroposofische geneeskunde ontwikkeld met als doel de ‘licht en warmte brengende’ werking van Sint-Janskruid te verbinden met de ‘evenwicht brengende’ werking van goud, met name om de eenzijdigheden bij depressieve stemmingen te helpen overwinnen.


-------
*St. John's wort for treating depression. | Cochrane  
www.cochrane.org/.../DEPRESSN_st.-johns-wort-for-treating-depression...
8 okt. 2008 –