print

Hepar – Magnesium

Het preparaat Hepar-Magnesium werd ongeveer vijftig jaar geleden door Weleda ontwikkeld in samenwerking met enkele artsen. De aanleiding was een vraag van artsen naar een magnesiumpreparaat met een sterke oriëntatie op de lever.

Hepar-Magnesium is een zogenaamde ‘metaalorganische verbinding’, waarbij een metaal aan een organische koolstofverbinding wordt gebonden. Het preparaat wordt bereid door magnesiumhydroxide onder specifieke condities te vermengen met leverweefsel (Hepar bovis) en honing.
De basissubstantie wordt vervolgens (homeopathisch) verdund en verwerkt tot orale druppelvloeistof (D6) en injectieampullen*.

De antroposofische geneeskunde zet Hepar-Magnesium in om de opbouwstofwisseling in de lever te stimuleren en te harmoniseren. Toepassingsgebieden zijn onder meer: leverfunctiestoornissen, endogene depressies of depressies met endogene componenten, uitputtingsdepressies, chronisch vermoeidheidsyndroom, wintermoeheid, fibromyalgie en een ‘asthenische, neurasthene constitutie’.

Een beschrijving van de metaalcomponent:

Magnesium is een zeer licht metaal met een witzilveren glans. Aan de lucht krijgt het al snel een mat oxidehuidje en wordt het hierdoor bestendiger. Het metaal reageert intensief op andere stoffen (vooral op zuren en zuurstof) en komt om die reden in de natuur alleen in gebonden vorm voor.

Magnesium is het achtste meest voorkomende element op aarde. Grote hoeveelheden zijn aanwezig in de wijdverspreide afzettingen van dolomiet (magnesium-calciumcarbonaat) en magnesiet  (magnesiumcarbonaat).
Ook in silicaten treedt het vaak op, zoals in het groene olivijn (ook peridoot of chrysoliet genoemd). Dit is een ijzerhoudend magnesiumsilicaat dat ontstaat in magnesiumrijk magma. Kristallijn olivijn is aanwezig in de meeste steenijzermeteorieten, ingebed in een nikkelijzermatrix. Het mineraal werd ook op Mars getraceerd.
Vele magnesiummineralen hebben een ‘vezel- of naaldachtige’ structuur, vooral de silicaten: straalsteen, talk en asbest.

In de vorm van goed wateroplosbare zouten met kristalwater is magnesium aanwezig in vele ondergrondse zoutlagen.
Een enorme hoeveelheid van deze zouten - vooral magnesiumchloride en –sulfaat - bevindt zich in zeewater en is verantwoordelijk voor de bittere smaak ervan. Natuurlijk magnesiumsulfaat is in zijn kristallijne vorm bekend onder de naam kieseriet.

Chemisch gezien is magnesium een aardalkalimetaal. Het vormt bij voorkeur het tweewaardige ion Mg2+ en laat zich niet gemakkelijk bevrijden uit zijn vele verbindingen. Om die reden werd het relatief laat als metaal ingezet (pas begin negentiende eeuw). Door zijn sterke streven om zich weer te verbinden en zijn metaaltoestand op te geven is het metaal een krachtig reductiemiddel. Het kan bijvoorbeeld silicium uit siliciumdioxide (kwarts) neerslaan.

In tegenstelling tot de ‘gewone’ metalen: de zware metalen en de edelmetalen, behoort magnesium tot de lichtmetalen (of lichte metalen). Tot deze groep rekent men eveneens aluminium, de aardalkalimetalen calcium, barium, strontium en beryllium, en de alkalimetalen natrium, kalium en lithium. Lichtmetalen zijn metalen met een (relatief) lage atoommassa en dichtheid. Waar bijvoorbeeld de dichtheid van ijzer 7,5 bedraagt en van goud 19,3, is die van aluminium maar 2,7 en van magnesium slechts 1,8. Lithium, kalium en natrium zijn zelfs lichter dan water.

De mate waarop de aarde op een stof inwerkt, zoals in de zwaartekracht tot uitdrukking komt, is te herkennen aan het gewicht, aan de verdichting van die stof. Aan die aardewerking ‘onttrekken’ de lichtmetalen zich dus meer dan de overige metalen. Ze zijn, volgens de antroposofie, minder ‘aards’ geworden. In de taal van de alchemisten moest men ze als luchtige, ‘sulfurische’ metalen bestempelen, wat bij veel van hun eigenschappen past, bijvoorbeeld de brandbaarheid.

Zuiver magnesium kan relatief gemakkelijk tot ontbranden gebracht worden (het snelst als poeder, schilfers of lint) en brandt dan verwoed met een zeer fel, wit licht. Zelfs als er geen zuurstof meer aanwezig is, blijft magnesium branden. Het reageert dan met stikstof uit de lucht (en vormt magnesiumnitride).
Magnesiumbranden mogen niet met water geblust worden. Water geeft in reactie met het hete magnesium waterstofgas vrij, dat ook brandbaar is en zeer explosief.
Onbeschermd in een magnesiumvuur staren is gevaarlijk. Het intense licht ervan is vele malen sterker dan dat van de zon en kan de ogen beschadigen. Deze felheid geeft een idee van het lichtgeweld, dat in dit metaal verdicht is.

Vroeger was magnesium belangrijk voor de fotografie: de eerste flitslichten werkten op fijnverdeeld magnesiumpoeder, dat op een metalen hulpstuk werd uitgestrooid en ontstoken. Met de komst van de elektrische flitser verdween dit ‘bliksempoeder’ wegens brandgevaar uit de handel. In vuurwerk en lichtkogels wordt het nog wel gebruikt.

Magnesium smelt bij 650°C, kookt bij 1097°C en is een goede geleider van warmte en stroom.
Omdat het zeer licht is - zelfs nog een derde lichter dan aluminium - is het in de metaalindustrie zeer in trek voor de productie van lichtgewicht legeringen, vooral met aluminium (bij uitstek in de lucht- en ruimtevaartindustrie).
De toepassing van zuiver magnesium blijft vooralsnog voorbehouden voor kleine constructies en onderdelen. Magnesium heeft een hexagonale kristalstructuur en is om die reden veel stijver - en dus minder gemakkelijk vervormbaar - dan aluminium en staal (met kubisch kristalrooster). De technieken voor het vervormen van magnesium, en de bescherming van het materiaal tegen corrosie, maken het metaal vooralsnog erg kostbaar.
Een typisch en alledaags voorbeeld is de metalen puntenslijper: in feite een blokje magnesium met conisch gat en vastgeschroefd mesje.

Die innige relatie van magnesium met licht komt het duidelijkst naar voor in de rol, die het element speelt in de fotosynthese bij het assimileren van zonlicht. Magnesium is het centrale atoom in de groene plantenkleurstof chlorofyl. De opgevangen lichtenergie stelt de plant in staat om suikers te produceren uit koolzuurgas en water, onder vrijgave van zuurstof. Zonlicht wordt in deze koolhydraten verdicht tot potentiële energie. Opvallend is dat de chlorofyl-molecule zo goed als identiek is aan de heem-verbinding in hemoglobine, met die uitzondering dat het centrale atoom hier ijzer is in plaats van magnesium.
Naast het groene blad, bevat ook het zaad de hoogste concentratie aan magnesium in de plant. Het element is betrokken bij vele enzymatische en energie vrijgevende processen.

Het menselijk lichaam bevat circa 25 gram magnesium, dat hiermee het vierde mineraal is, wat betreft hoeveelheid, na calcium, kalium en natrium. Circa 60 procent van het totale magnesium zit ingebouwd in botweefsel en tanden. De overige 40 procent bevindt zich in zacht weefsel, voornamelijk binnenin cellen van spieren, organen en zenuwstelsel. Minder dan 1 procent circuleert in het bloed.

Magnesium is, in kleine hoeveelheden, onmisbaar bij vele cruciale biochemische processen, van de cellulaire energievoorziening, het reguleren van bloeddruk, bloedsuikerspiegel en waterhuishouding tot de synthese van DNA, en, substantieel, bij de opbouw van botten en gebit. Vele honderden enzymen hebben het element als cofactor nodig. Het speelt een centrale rol bij de glycolyse en de productie, distributie en het functioneren van de energierijke ATP-moleculen (adenosinetrifosfaat). De afsplitsing van één of twee van de drie fosfaatgroepen van ATP (tot ADP of AMP), waarbij energie vrijkomt, kan alleen plaatsvinden via complexvorming met magnesiumionen.  Ook bij de daarop volgende recycling van ADP en AMP tot ATP is magnesium noodzakelijk. Via het functioneren van het ATP speelt magnesium een belangrijke rol bij diverse pompsystemen doorheen celmembranen zoals de natrium/kalium-pomp en de calcium pomp (elektrolytenbalans). Magnesium is de tegenhanger c.q. antagonist van calcium; samen reguleren ze talloze neurotransmitters, die zenuwimpulsen overdragen tussen zenuwcellen. Waar calcium zorgt voor het samentrekken van spieren, is magnesium verantwoordelijk voor spierontspanning.
Bij een tekort aan magnesium worden onder meer futloosheid, spierkrampen, trillen en zelfs hartritmestoornissen waargenomen.

Magnesiumpreparaten zijn populair als voedingssupplement, vooral bij sporters. Een tekort veroorzaakt een grotere vatbaarheid voor krampen en dus een verhoogde kans op kwetsuren. Tijdens intensief sporten kan heel wat magnesium uitgezweet worden. Omgekeerd, kan magnesium, bijvoorbeeld als badzout, ook goed door de huid opgenomen worden.

Magnesiumsulfaat is medisch vooral bekend vanwege de sterk laxerende werking. Onder de naam bitterzout, Engels zout of Epsomzout, wordt het voornamelijk ingezet als darmreinigingsmiddel, zoals voorafgaande aan een darmonderzoek, maar ook in ontslakkingskuren. Bij dergelijk medisch gebruik wordt een grotere hoeveelheid ineens ingenomen, meestal 15 of 20 gram, verdund met water, of, vanwege de bittere smaak, met een zoete drank. Naast het laxerend effect stimuleert magnesiumsulfaat bovendien het samentrekken van de galblaas en ontspant het de spieren die de lozing van galvloeistof in de dunne darm regelen.  

Het ‘spoor’ volgend doorheen al die gebieden in het menselijk organisme waar magnesium een invloed op uitoefent, leidt tot het antroposofisch concept van de twee grote ‘magnesiumproces-stromen’ in het lichaam. Aan de ene kant onderscheidt men een ‘substantie-verdichtende’ stroom, die uitmondt in botten en gebit, aan de andere kant een ‘licht en warmte stimulerende’ stroom, die actief is in de lichaamsvloeistoffen en de stofwisseling. De brug, die magnesium (letterlijk) vormt bij de omzetting van fysiek gebonden warmte in energetische bewegingswarmte (suikerstofwisseling), wordt als typisch beeld gezien voor die tweede magnesiumproceswerking.

De antroposofische arts kijkt vooral procesmatig, naar de magnesiumdynamiek. Magnesium-preparaten worden ingezet bij verstoringen of eenzijdigheden hiervan, die zich vooral uiten in spierkrampen, uitputting en depressieve stemmingen.
Het therapeutische doel van de antroposofische magnesiumtherapie is om stagnerende vloeistofstromen, vooral in het lever-galgebied, weer in beweging te brengen en de stofwisselingsactiviteit van de lever te stimuleren, waardoor het vegetatief stelsel weer geordend gaat functioneren en onbewust blijft, en vitaliteit en wilskracht toenemen. De onderliggende idee hierbij is dat ‘doorlichting en doorwarming in het stofwisselingsgebied een ontspanning in het psychische kan bewerkstelligen’.

De levercomponent in Hepar-Magnesium oriënteert de magnesiumwerking in sterke mate op dit orgaangebied.


-----------------------------------
* niet in Nederland verkrijgbaar, wel via Duitse apotheek