print

Column: Kruikenzeiken

Kruikenzeiken

Als iemand zich het recht toe mag eigenen om flauwe geintjes over ‘urineren’ te maken, dan is het wel de Tilburger. In een niet bijster bejubeld verleden werden Tilburgers uitgenodigd om voor de textielfabriek hun urine te verzamelen voor een goed doel: het wassen en verven van wol. Dit alles voor een kleine extra bijdrage, want ‘Dè is al vlot ’n halven stuiver d’n emmer’. Kruikenzeiker is voor de Tilburger een soort geuzennaam. Tilburg is volgens mij de enige stad waar mensen elkaar ‘zeikerd’ noemen zonder elkaar daarmee te beledigen. Zo hebben de Tilburgers zelden gêne om met plasproblemen op het spreekuur te komen, en dat was al ver voor de invoering van de laatste NHG-Standaard urineweginfecties. Na het gesnotter van de kleintjes is de urineweginfectie een van de meest voorkomende problemen in de praktijk.

Een verbetering voor artsen die werken met integrative medicine is dat de NHG-Standaard het voorschrijven van antibiotica niet meer als dwingende verplichting oplegt. Integendeel: het resistentieprobleem heeft het ministerie uitgelokt een strip te financieren die huisartsen in de wachtkamer kunnen leggen. Voor dit geld had het ministerie wat mij betreft beter onderzoek kunnen laten doen naar het effect van antroposofische behandeling van urineweginfecties, want sinds jaar en dag hoef ik daarbij zelden antibiotica voor te schrijven. De enige reden om dat wel te doen is bij potentieel gevaar (voor bijvoorbeeld een dreigende nierbekkenontsteking of sepsis) en in die situaties waarbij de vrouw veel pijn heeft en snel verbetering wenst.

Warmteorganisme

In alle andere gevallen volg ik deze gedachte: blaas en nieren hebben een heel bijzondere plaats in het lichaam. Laten we ons hier beperken tot wat in de NHG-Standaard de ongecompliceerde urineweginfecties bij vrouwen wordt genoemd. Een goede werking van het warmteorganisme en een goede vitaliteit heeft een preventieve werking op het ontstaan van urineweginfecties. Vermoeidheid en koude hebben in mijn ervaring wel degelijk een invloed op het ontstaan van urineweginfecties. Hoewel ik altijd weer lees dat dat laatste niet evidence based is, verbaast me dat en vraag ik me af of dat komt doordat wij er niet meer op letten, omdat we een te beperkte opvatting van het warmteorganisme hanteren. Hoe vaak doen we nog echt lichamelijk onderzoek bij dysurie? Of kijken we alleen een plasje na? Ik merk vaak dat de onderbuik hierbij koud aanvoelt en dat vrouwen vaak koude voeten hebben. Wie het lichamelijk onderzoek doet en daarbij zijn handen ook als warmtesensor gebruikt, zal veel meer opvallen dan dat er een beetje drukpijn op de blaasstreek is of slagpijn in de nierloges.


Therapie

Rust en warmte zijn essentieel voor het slagen van een niet-antibiotische behandeling, naast veel drinken van warme dranken. In het acute geval kan Baptisia/Lachesis comp. dil. (Weleda), elke twee uur 10-15 gtt. gegeven worden. Bij een koude constitutie moet vooral ook aan warme voeten gedacht worden om te genezen en om herhaling te voorkomen. Hiervoor schrijf ik koperzalf voor, op de onderbuik en op de voeten (Cuprum metallicum praeparatum 0,4% ung. (Weleda).

Om recidieven te voorkomen kan blaasthee (Juniperus, fructus; Uva ursi, folium 2:1 ad 250 g; 1 Cth. op kop water, 10 min koken, dan opdrinken; meerdere koppen per dag) gegeven worden.

Bij chronische en recidiverende cystitis kan een constitutiebehandeling met Thuja comp. 3 dd 1 mespunt gegeven worden. Let op dat dit Argentum D3 en Mercurius D6 bevat, dus bij zwangeren ben ik daar liever voorzichtig mee. Moeheid kan echter ook een reden zijn dat de blaas als zwakke plek van het afweersysteem zijn afweer niet goed op orde krijgt en daarom moet daar wel apart naar gekeken worden. Bij algemene vage moeheid die ten grondslag ligt aan een gebrekkige vitaliteit geef ik dan vaak Ferrum sid. / Prunus comp , 3 dd 10 gtt, als ondersteuning. Bij urineweginfecties waar koorts en een broeierige warme constitutie aan ten grondslag liggen, kan overwogen worden om Equisetum cum Sulfure tostum D3 trit. (Weleda); 3-6 dd. 1 mespunt te geven, ook als preventie voor recidieven.

Al met al genoeg redenen om eens op een andere manier naar urineweginfecties te kijken. Mogelijk kunt u er wat mee doen, mogelijk niet. In beide gevallen mag u mij een zeikerd noemen. Ik kom uit Tilburg. Ik vind dat een compliment.

Peter Staal, huisarts en antroposofisch arts

Omschrijving geneesmiddelen