print

Goed slapen, hoe doe je dat?

Peter Staal

In 2003 vestigde zich voor mijn deur de INCA. Nooit van gehoord zult u zeggen. Ik ook niet, maar toen hoorde ik ze dag en nacht: de Incidenten en Calamiteiten Afdeling van de Politie Tilburg. Het ging maar door, dag en nacht: piepende banden, sirenes, blaffende honden en piepende portofoons. Gek werden we ervan en slapen deden we nauwelijks meer. Wat ik nog goed weet, is dat ik op een gegeven moment zo uitgeput was, dat ik niet helder meer kon denken en een aanslag ging plegen op de ruit van een politiebus met onze bijl.

Een goede nachtrust hebben is in meerdere opzichten een wonder. Want is het niet verbazingwekkend om ’s avonds doodmoe in slaap te vallen en ’s ochtends weer fit op te staan? Voor veel mensen is dit kleine wonder een doodgewone zaak. Dat de slaap een bron van herstel en vernieuwing van krachten is, merk je pas als je slaapproblemen hebt.

Spiritualiteit van de slaap
Waarom slaap je eigenlijk? Natuurlijk omdat je moe bent. In de slaap verwerk je bovendien de gebeurtenissen van de dag. Je lichaam herstelt zich van de vermoeienissen, je ziel ‘verteert’ de belevenissen van de voorgaande dag en soms neemt je geest een idee of ingeving mee uit de wereld van de slaap.
Overdag, wanneer je wakker bent, is er een voortdurende afbraak van krachten. ’s Nachts, in de slaap, vinden de opbouwprocessen plaats die je ’s ochtends het gevoel kunnen geven dat je herboren bent en klaar voor de nieuwe dag.
De mate waarin je overdag voldoening en vreugde ervoer in wat je deed; de verbondenheid met andere mensen die je overdag beleefde; de gedachten die je overdag ontwikkelde: het zijn factoren die mede bepalen hoe je ’s nachts slaapt. Een geheim van de slaap is dat je ’s nachts steeds weer even verbonden bent met de ‘nachtmens’, het geestelijke levensdoel dat je jezelf hebt gesteld. Wie zich daarvan bewust is, kan zich oefenen goed te luisteren naar wat je bij het wakker worden uit de nachtwereld meeneemt.

Volgens antroposofisch inzicht is de wereld waarin je ’s nachts vertoeft – we weten het meestal na het ontwaken niet meer – de geestelijke wereld, de wereld waarin we onze oorsprong vinden en waarin de geestelijke wezens zoals engelen verkeren die ons hulp willen bieden. Er zijn mensen die zich bewust oefenen om een probleem, een grote levensvraag waarmee ze worstelen, vlak voor het slapen gaan bewust mee te nemen in de geestelijke wereld.
We kennen allemaal de kracht van ‘er nog eens een nachtje over slapen’. Voor het inslapen laat je de vraag waarmee je worstelt nog eens door je hoofd spelen, en bij het ontwaken vind je soms het antwoord, of een richting waarin je het antwoord kunt zoeken.

Slaapfasen
Het slapen begint met de non-REM (Rapid Eye Movement)-slaap, daarna volgt een eerste REM-slaapperiode. Er zijn vier à vijf van deze cycli per nacht. Aan het begin van de nacht is de slaap in het algemeen diep en in de loop van de nacht ga je lichter slapen. De slaap kenmerkt zich niet alleen door snelle oogbewegingen, maar ook een verhoogde activiteit van alle levensfuncties. Gedurende de REM-slaap ben je je er meestal van bewust dat je droomt, al wil dat niet zeggen dat je je de droom later ook precies herinnert.
De verschillende slaapfasen houden verband met de mate waarin de ziel en geest ’s nachts verbonden zijn met het fysieke lichaam. Er kunnen belemmeringen zijn die verhinderen dat de ziel zich goed van het lichaam losmaakt en dat kan betekenen dat je niet in een diepe slaap komt. Tijdens de REM-slaap, de fase van lichtere slaap, verbindt de ziel zich weer een beetje met het lichaam.

Slaapproblemen
Er bestaan verschillende soorten slaapklachten. Je kunt moeite hebben met inslapen, maar ook met doorslapen of met goed wakker worden. Problemen met wakker worden kunnen je belemmeren ‘goed in je lijf te komen’, zodat je pas later op de dag echt op gang komt. Inslaapklachten hebben te maken met het niet, of niet voldoende, kunnen verteren van de dagelijkse indrukken, het niet kunnen loslaten van lichaam en ziel.
Problemen bij het doorslapen worden in de antroposofische geneeskunde vaak toegeschreven aan storingen in het gal-levergebied. Je wordt om een uur of drie (als de lever met de opbouwfase begint) wakker en je komt niet meer echt goed in slaap.
Bij slaapklachten kom je vaak in een vicieuze cirkel terecht. Het is dus van belang om tijdig maatregelen te nemen.

In je lijf en uit je lijf
Bij slaapstoornissen is het allereerst van belang om overdag voor ritme en regelmaat te zorgen. Drukte ’s avonds, beeldschermgebruik, koffie en alcohol zijn niet bevorderend en moeten vermeden worden.
Wie ’s nachts niet goed slaapt, doet er goed aan overdag wakker te blijven en geen dutje te doen. Probeer in een vast ritme van slapen gaan en opstaan te komen.
Bij slaapklachten is het zinvol om de oefening van de ‘terugblik’ te doen. Je kijkt aan het eind van de dag zo objectief mogelijk terug op wat er die dag is gebeurd. Het beste is om die terugblik ook echt van achteren naar voren te doen, dus beginnend bij de avond. Daarbij is het belangrijk om niet bij de afzonderlijke gebeurtenissen stil te blijven staan en naar de gebeurtenissen van de dag zó terug te kijken alsof het iemand anders betreft.

Bij inslaapklachten is er natuurlijk het aloude recept van warme melk met honing. Bij een kopje slaapthee kun je ook baat hebben. Er zijn mensen die zweren bij een rustig avondwandelingetje. (Dus geen workout met wandelstokken!) Verder kun je ontspannings- en ademoefeningen doen of je (laten) inwrijven met bijvoorbeeld lavendelolie. Een warm bad met lavendelolie of een warme kruik kunnen ook helpen.
In het algemeen is het verstandig om gedurende drie uren voor het slapen gaan niet te eten. Veel mensen drinken ’s avonds geen koffie, of nemen cafeïnevrije koffie. Oordopjes kunnen helpen als er storende geluiden zijn. Tevens is het heel belangrijk dat het lichaam ‘gerustgesteld’ naar bed wordt gebracht: dus niet met teveel honger en ook niet met een volle buik en lekker met een kruik als de voeten te koud zijn.

Geneesmiddelen
Medicamenteus kan gedacht worden aan Avena nervositeit 20 druppels voor het slapen gaan en eventueel tweemaal te herhalen na ieder half uur. Bij structurele slaapstoornissen moet de pendelslag van de slaapklok aan beide kanten gestimuleerd worden en moet dus ook een ‘wakker-word-middel’ worden toegevoegd. Een ideale combinatie is dan Phosphor D6 10 druppels ’s ochtends (‘incarnerend’) en Phosphor D25 / Sulphur D25 ’s avonds 10 druppels (‘excarnerend’).
Bij doorslaapklachten werkt het vaak goed om de lever te stimuleren met Hepatodoron. Door het stabiliseren van de suikerstofwisseling gaan mensen beter slapen, worden ze minder vaak wakker tussendoor of slapen weer sneller in. Men neme twee tabletten voor de laatste maaltijd en twee voor het slapen gaan. Het werkt vaak meteen, maar meestal verbetert de slaap in de loop van de dagen tot weken.
Ook zijn therapieën mogelijk, bijvoorbeeld euritmietherapie of kunstzinnige therapie, waarbij speciale oefeningen worden gegeven om te leren de dag los te laten. Ook ritmische massage kan uitkomst bieden, of uitwendige therapie, waarbij gewerkt wordt met inwrijvingen of compressen.

Wat die politiebus betreft en mijn arrestatie die daarop volgde, en de vervelende persberichten over een compleet dolgedraaide huisarts die in een dwangbuis werd afgevoerd... Het gebeurde gelukkig allemaal net niet. Ik was te moe om de bijl uit de schuur te halen.