print

Boekrecensie. Yuval Noah Harari: Homo Deus.

Arie Bos

De twee boeken van de historicus Harari zijn een wereldwijd succes. Zijn eerste, ‘Sapiens’, vertelt het verhaal van het ontstaan van de aarde, de evolutie en het ontstaan van de mens. Zij tweede, ‘Homo Deus’, herhaalt dat in een paar hoofdstukken en gaat dan verder met speculaties over de toekomst. Daarin is een kleine rol voor de geneeskunde weggelegd.
Harari’s kracht zit hem in zijn vereenvoudiging. Hij weet iedere wending in de geschiedenis als een logische gebeurtenis te beschrijven en zelfs te rubriceren. Zodat de geschiedenis een volkomen logisch en overzichtelijk verhaal blijkt te zijn. Hij leunt daarbij sterk op wat hij oppikt uit andere wetenschappen en daarin is hij breed georiënteerd. Hij is echter volstrekt onkritisch en gebruikt regelmatig de zinsnede ‘de wetenschap heeft aangetoond dat’, waarop iets volgt als ‘…dat de mens geen ziel heeft en geen zelf’, ‘wij algoritmen zijn, net zoals machines’ of ‘dat het leven neerkomt op dataverwerking’ en ‘fMRI-scans laten beter zien wie wij zijn, dan wij zelf kunnen weten’. Dat kan de wetenschap helemaal niet aantonen en dat betekent dus dat zijn boodschap misschien niet helemaal serieus genomen moet worden.
De boodschap van zijn eerste boek was dat wij mensen helemaal niets bijzonders zijn in de evolutie, maar dat het niet meer dan toeval was dat van alle hominiden de homo sapiens kwam bovendrijven (misschien dankzij zijn agressiviteit waarmee de anderen werden uitgeroeid). De andere boodschap wordt in ‘Homo Deus’ herhaald: de mensheid heeft drie revoluties meegemaakt. Ten eerste de cognitieve revolutie (70.000 jaar geleden) die ons ‘sapiens’ maakte, dankzij het ontwikkelen van taal. Ten tweede de agriculturele revolutie (12.000 jaar geleden), waardoor wij de natuur naar onze hand begonnen te zetten. Dat leidde ertoe dat wij ons gingen settelen, samenlevingen ontstonden die vele malen groter waren dan die van jager-verzamelaars zodat er wereldrijken (met godsdiensten om de neuzen één kant uit te krijgen; tot dan toe werd de hele natuur als bezield, of spiritueel gezien) werden gesticht. Ten derde de wetenschappelijke revolutie (500 jaar geleden) waardoor wij echt heerser over de natuur zijn geworden. Dat betekende, dat is de boodschap van ‘Homo Deus’, het einde van de godsdiensten en het begin van het humanisme. Menselijke verlangens zijn nu de norm.
Er splitsten zich drie soorten humanisme af: Het liberalisme dat vrijheid als hoogste goed kent en ieder individu dezelfde rechten toekent en evenveel waard acht. Het socialistisch humanisme, dat gelijkheid het belangrijkst vindt en dat, omdat de mens daar niet uit zichzelf naar streeft, centraal gezag het belangrijkst vindt, en het evolutionair humanisme, dat vindt dat de mensheid moet wedijveren (lees oorlog voeren) zodat de beste mensensoort, de übermensch, zal zegevieren. Nu die laatste twee varianten het onderspit hebben gedolven zijn oorlogen, volgens hem, zeldzaam geworden, honger en armoede evenzeer en ziekten vrijwel uitgeroeid. De geneeskunde zal zich dus niet meer met ziekten gaan bezighouden, maar met het ‘verbeteren’ van de mensheid. Misschien wordt zelfs de onsterfelijkheid bereikt. Dat is natuurlijk alleen haalbaar voor hen die daarvoor geld hebben.
Onze intelligentie zal vele malen worden overtroffen door die andere algoritmes: die van de artificial intelligence (AI). Die wordt nu ingeleid met het geloof in ‘Big Data’, het dataïsme. Dan zullen de mensen die de ‘verbetering’ vanwege relatieve armoede hebben gemist, nutteloos en overbodig worden. Want alle werk zal veel beter worden gedaan door robots. Denk aan de zelfrijdende auto’s. Uiteindelijk zal de gehele mensheid overbodig worden als zelflerende robots zich kunnen vermenigvuldigen en in allerlei omstandigheden kunnen functioneren en daardoor de meest verre planeten kunnen gaan ‘bevolken’.
Maar Harari is helemaal niet blij met zijn eigen voorspellingen. Hij ziet eigenlijk het eerste verlies voor de mensen al optreden bij de agriculturele revolutie. Hij blijkt heimwee te koesteren naar de spiritualiteit (wat hij daarmee dan ook mag bedoelen) van de jager-verzamelaar en zijn scherpe zintuiglijke aandacht en liefde voor de wereld. Hij maakt duidelijk dat intelligentie en bewustzijn (het hebben van ervaringen) twee verschillende dingen zijn en dat AI nooit bewustzijn zal hebben. AI is dus, wat dat betreft, helemaal geen vooruitgang. Als mens ziet hij, net als Tesla-eigenaar Elon Musk, juist een groot gevaar in (onbeheersbare) AI.
Hij blijkt zich in zijn allerlaatste zinnen het volgende af te vragen: Zijn organismen echt alleen maar algoritmen en is het leven echt alleen maar dataverwerking? Wat is waardevoller: intelligentie of bewustzijn? Wat gebeurt er met de maatschappij, de politiek en het dagelijks leven als niet-bewuste, maar hyperintelligente algoritmen ons beter kennen dan we onszelf kennen?
Al met al een bij tijden irritant, in de zin van ‘prikkelend’, zeer gemakkelijk leesbaar, boek dat aan het denken zet.
Yuval Noah Harari, Homo Deus. Thomas Rap, 447 blz., 24,99 euro